Informo pri la vorto mier (nederlanda → esperanto: formiko)

Vortspecosubstantivo
Prononco/miːr/
Dividomier
Genrohistorie ina, nuntempe ankaŭ vira
Pluralomieren

Diminutivo
SingularoPluralo
miertjemiertjes

Uzekzemploj

Toen zij door de vuile hal vol mieren liepen, konden zij Pepe, de eigenaar, horen praten met een vrouw, waarschijnlijk zijn echtgenote.
Sinds het beleg op kasteel Schreiborg van drie jaar geleden waren de buitenwerelders ieder voorjaar teruggekomen, als mieren uitzwermend over de rivier, een tiental voor iedere elf.
De mieren waren al aan de lijken begonnen te knagen.

Tradukoj

afrikansomier
anglaant
angla (malnovangla)æmette
cehamravenec
danamyre
esperantoformiko
feroameyra
francafourmi
germanaAmeise
grekaμυρμήκι
islandamaur
italaformica
katalunaformiga
kimramorgrugyn
latinoformica
luksemburgiaSeechomesse
norvegamaur
okcidenta frizonaeamelder; miammel
papiamentofruminga; vruminga; badjaka
polamrówka
portugalaformiga
rumanafurnică
rusaмуравей
saterlanda frizonaMiegelke; Miechhäimken
surinamamira
svahilosisimisi
svedamyra
tajaมด
turkakarınca
hispanahormiga
hungarahangya