Informo pri la vorto proesten (nederlanda → esperanto: terni)

Sinonimoj: niesen, niezen, fniezen

Vortspecoverbo
Prononco/ˈprustə(n)/
Dividoproes·ten

Konjugacio

Indikativo
PrezencoPreterito
(ik) proest(ik) proestte
(jij) proest(jij) proestte
(hij) proest(hij) proestte
(wij) proesten(wij) proestten
(jullie) proesten(jullie) proestten
(gij) proest(gij) proesttet
(zij) proesten(zij) proestten
Subjunktivo
PrezencoPreterito
(dat ik) proeste(dat ik) proestte
(dat jij) proeste(dat jij) proestte
(dat hij) proeste(dat hij) proestte
(dat wij) proesten(dat wij) proestten
(dat jullie) proesten(dat jullie) proestten
(dat gij) proestet(dat gij) proesttet
(dat zij) proesten(dat zij) proestten
Participoj
Prezenca participoPreterita participo
proestend, proestende(hebben) geproest

Tradukoj

afrikansonies
anglasneeze
cehakýchat; kýchnout
dananyse
esperantoterni
feroanjósa
finnaaivastaa
francaéternuer
germananiesen
islandahnerra
katalunaesternudar
papiamentonister; nistro
polakichać
portugalaespirrar
saterlanda frizonapruustje
svedanysa
turkaaksırmak
hispanaestornudar