Informo pri la vorto purgeren (nederlanda → esperanto: laksigi)

Sinonimoj: afdrijven, laxeren

Vortspecoverbo
Prononco/pɵrˈɣerə(n)/
Dividopur·ge·ren

Konjugacio

Indikativo
PrezencoPreterito
(ik) purgeer(ik) purgeerde
(jij) purgeert(jij) purgeerde
(hij) purgeert(hij) purgeerde
(wij) purgeren(wij) purgeerden
(jullie) purgeren(jullie) purgeerden
(gij) purgeert(gij) purgeerdet
(zij) purgeren(zij) purgeerden
Subjunktivo
PrezencoPreterito
(dat ik) purgere(dat ik) purgeerde
(dat jij) purgere(dat jij) purgeerde
(dat hij) purgere(dat hij) purgeerde
(dat wij) purgeren(dat wij) purgeerden
(dat jullie) purgeren(dat jullie) purgeerden
(dat gij) purgeret(dat gij) purgeerdet
(dat zij) purgeren(dat zij) purgeerden
Imperativo
Singularo/PluraloPluralo
purgeerpurgeert
Participoj
Prezenca participoPreterita participo
purgerend, purgerende(hebben) gepurgeerd

Tradukoj

esperantolaksigi
germanaabführen; purgieren; reinigen
svedalaxera
hispanapurgar