Informo pri la vorto doen (nederlanda → esperanto: fari)

Sinonimoj: sluiten, afsluiten, aandoen, aangaan, toebrengen, stellen

Vortspecoverbo
Prononco/dun/
Dividodoen

Uzekzemploj

Wil jij mij de eer doen om met me te trouwen?
De vrouw verwacht niet dat ze in Nederland gevaar loopt en dat Wit‐Rusland haar hier iets wil doen.

Tradukoj

afrikansoaangaan; aandoen
anglamake
esperantofari
germanaschließen
jamajka-kreoladu
okcidenta frizonadwaan
platgermanaangån
skotadae