Informo pri la vorto uitgaan van (nederlanda → esperanto: supozi)

Sinonimoj: aannemen, menen, stellen, vermoeden, veronderstellen, bevroeden, onderstellen, oordelen, in de veronderstelling verkeren

Vortspecoverbo
Dividouit·gaan van

Uzekzemploj

De politie zegt uit te gaan van een misdrijf.
De Duitse autoriteiten gaan uit van een islamistische terreuraanval.