Informo pri la vorto buidel (nederlanda → esperanto: monsako)

Sinonimoj: geldbuidel, geldzak

Vortspecosubstantivo
Prononco/ˈbœʏ̯dəl/
Dividobui·del
Genrovira
Pluralobuidels

Uzekzemploj

Hij stond op en trok een buidel munten uit zijn ransel.
Ze gaf hem de leren buidel, die de slaaf haar had overhandigd.

Tradukoj

esperantomonsako