Informo pri la vorto uittrekken (nederlanda → esperanto: destini)

Sinonimoj: bestemmen, aanwijzen

Vortspecoverbo
Prononco/ˈœʏ̯trɛkə(n)/
Dividouit·trek·ken

Konjugacio

Indikativo
PrezencoPreterito
(ik) trek uit(ik) trok uit
(jij) trekt uit(jij) trok uit
(hij) trekt uit(hij) trok uit
(wij) trekken uit(wij) trokken uit
(jullie) trekken uit(jullie) trokken uit
(gij) trekt uit(gij) trokt uit
(zij) trekken uit(zij) trokken uit
Subjunktivo
PrezencoPreterito
(dat ik) uittrekke(dat ik) uittrokke
(dat jij) uittrekke(dat jij) uittrokke
(dat hij) uittrekke(dat hij) uittrokke
(dat wij) uittrekken(dat wij) uittrokken
(dat jullie) uittrekken(dat jullie) uittrokken
(dat gij) uittrekket(dat gij) uittrokket
(dat zij) uittrekken(dat zij) uittrokken
Imperativo
Singularo/PluraloPluralo
trek uittrekt uit
Participoj
Prezenca participoPreterita participo
uittrekkend, uittrekkende(hebben) uitgetrokken

Uzekzemploj

Als beginner moet u ongeveer een half uur tot één uur voor iedere training uittrekken.
Om ervoor te zorgen dat er minder drones en raketten door de Oekraïense luchtafweer komen, trekt de Noorse regering omgerekend zo’n 590 miljoen euro uit.

Tradukoj

afrikansoaanwys
anglaearmark
danabestemme
esperantodestini
feroaætla
francadestiner
germanaausersehen; bestimmen; festsetzen; vorausbestimmen; vorherbestimmen
italadestinare
katalunadestinar
papiamentodestiná
polaprzeznaczyć
portugalaaprazar; destinar; reservar
saterlanda frizonabestimme; fäästsätte
hispanadestinar