Informo pri la vorto rek (nederlanda → esperanto: rako)

Vortspecosubstantivo
Prononco/rɛk/
Dividorek
Genroneŭtra
Pluralorekken

Diminutivo
SingularoPluralo
rekjerekjes

Uzekzemploj

Petacchi stond met zijn rug tegen een metalen rek waarop het logboek en de kaarten lagen.
Talbot hield op en keek verbaasd naar het rek.

Tradukoj

afrikansorak
anglarack
esperantorako
hispanaastillero; lancero; taquero