Información sobre la palabra kerkelijk (neerlandés → Esperanto: eklezia)

Sinónimo: geestelijk

Categoría gramaticaladjetivo
Pronunciación/ˈkɛrkələk/
Separaciónker·ke·lijk

Declinación

Predicativo
AtributivoIndefinidoPlural masulino y femininokerkelijke
Singular masculinokerkelijk
Pluralkerkelijke
Definidokerkelijke
Partitivokerkelijks

Muestras de uso

Vooral de kerkelijke autoriteiten maakten zich ongerust.
De zware aardbeving in Lissabon die die stad in 1755 op een kerkelijke feestdag verwoestte, bracht velen in Europa, de filosofen van de Verlichting voorop, aan het twijfelen over het bestaan van een rechtvaardige God.

Traducciones

afrikáansgeestelik
alemánkirchlich; Kirchen‐
bajo sajóngeystelik
esperantoeklezia
frisón de Saterlandgäistelk
galéseglwysig
inglésecclesiastical
papiamentoeklesiástiko
portuguéseclesiástico