Información sobre la palabra truc (neerlandés → Esperanto: artifiko)

Sinónimos: foefje, kneep, kunstgreep, streek, stunt, toer, handigheidje

Categoría gramaticalsustantivo
Pronunciación/tryk/
Separacióntruc

Muestras de uso

Om dit zo natuurlijk mogelijk te brengen, kon je kiezen uit een handvol trucs.
Kijk ook naar de tafel en overtuig jullie ervan dat er geen truc in het spel is.
Gelukkig kon een dergelijke truc vrij gemakkelijk worden blootgelegd.
Ofschoon al deze trucs keer op keer in kranten en tijdschriften aan de kaak zijn gesteld, is het een verbluffend feit dat de beoefenaars ervan tot op de huidige dag een goed bestaan leiden.

Traducciones

alemánKunststück; Kunstgriff; Kniff; Trick; Schlich
catalánartifici
danéskneb
españolartificio; truco
esperantoartifiko
feroéssvikaráð; lokabrøgd; snild
francésartifice
frisón de SaterlandUutflucht; Ienweensel; Uutwai
ingléstrick; stunt
papiamentotriki
portuguésartifício; artimanha; estratagema; subterfúgio; tramóia
rusoуловка
suecoknep; konstgrepp
tailandésกล