Información sobre la palabra beroeren (neerlandés → Esperanto: tuŝeti)

Sinónimo: strijken langs

Categoría gramaticalverbo
Pronunciación/bəˈruːrə(n)/
Separaciónbe·roe·ren

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(ik) beroer(ik) beroerde
(jij) beroert(jij) beroerde
(hij) beroert(hij) beroerde
(wij) beroeren(wij) beroerden
(jullie) beroeren(jullie) beroerden
(gij) beroert(gij) beroerdet
(zij) beroeren(zij) beroerden
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat ik) beroere(dat ik) beroerde
(dat jij) beroere(dat jij) beroerde
(dat hij) beroere(dat hij) beroerde
(dat wij) beroeren(dat wij) beroerden
(dat jullie) beroeren(dat jullie) beroerden
(dat gij) beroeret(dat gij) beroerdet
(dat zij) beroeren(dat zij) beroerden
Modo imperativo
Singular/PluralPlural
beroerberoert
Participios
Participio presenteParticipio pasado
beroerend, beroerende(hebben) beroerd

Traducciones

alemánleicht berühren; streifen
españolrozar; tocar ligeramente
esperantotuŝeti; duontuŝi; flugtuŝi
francéseffleurer
frisón de Saterlandlicht röögje
ingléstouch lightly
portuguéstocar delicadamente