Información sobre la palabra inbinden (neerlandés → Esperanto: moderigi sin)

Sinónimo: zich matigen

Categoría gramaticalverbo
Pronunciación/ˈɪmbɪndə(n)/
Separaciónin·bin·den

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(ik) bind in(ik) bond in
(jij) bindt in(jij) bond in
(hij) bindt in(hij) bond in
(wij) binden in(wij) bonden in
(jullie) binden in(jullie) bonden in
(gij) bindt in(gij) bondt in
(zij) binden in(zij) bonden in
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat ik) inbinde(dat ik) inbonde
(dat jij) inbinde(dat jij) inbonde
(dat hij) inbinde(dat hij) inbonde
(dat wij) inbinden(dat wij) inbonden
(dat jullie) inbinden(dat jullie) inbonden
(dat gij) inbindet(dat gij) inbondet
(dat zij) inbinden(dat zij) inbonden
Modo imperativo
Singular/PluralPlural
bind inbindt in
Participios
Participio presenteParticipio pasado
inbindend, inbindende(hebben) ingebonden

Muestras de uso

Ze zullen wel leren in te binden waar het mij betreft.
Okee, ik zal wat inbinden.
Ik denk dat ze uiteindelijk zullen inbinden.

Traducciones

esperantomoderigi sin