Información sobre la palabra wegkruipen (neerlandés → Esperanto: kaŝkaŭriĝi)

Categoría gramaticalverbo

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(ik) kruip weg(ik) kroop weg
(jij) kruipt weg(jij) kroop weg
(hij) kruipt weg(hij) kroop weg
(wij) kruipen weg(wij) kropen weg
(jullie) kruipen weg(jullie) kropen weg
(gij) kruipt weg(gij) kroopt weg
(zij) kruipen weg(zij) kropen weg
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat ik) wegkruipe(dat ik) wegkrope
(dat jij) wegkruipe(dat jij) wegkrope
(dat hij) wegkruipe(dat hij) wegkrope
(dat wij) wegkruipen(dat wij) wegkropen
(dat jullie) wegkruipen(dat jullie) wegkropen
(dat gij) wegkruipet(dat gij) wegkropet
(dat zij) wegkruipen(dat zij) wegkropen
Modo imperativo
Singular/PluralPlural
kruip wegkruipt weg
Participios
Participio presenteParticipio pasado
wegkruipend, wegkruipende(zijn) weggekropen

Traducciones

esperantokaŝkaŭriĝi