Información sobre la palabra openspringen (neerlandés → Esperanto: grajniĝi)

Sinónimos: schieten, in het zaad schieten, zaadschieten

Categoría gramaticalverbo
Pronunciación/ˈopə(n)sprɪŋə(n)/
Separaciónopen·sprin·gen

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(hij) springt open(hij) sprong open
(zij) springen open(zij) sprongen open
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat hij) openspringe(dat hij) openspronge
(dat zij) openspringen(dat zij) opensprongen
Participios
Participio presenteParticipio pasado
openspringend, openspringende(zijn) opengesprongen

Traducciones

alemánsich körnen
esperantograjniĝi