Información sobre la palabra weggeven (neerlandés → Esperanto: fordoni)

Sinónimos: vergeven, wegschenken

Categoría gramaticalverbo
Pronunciación/ˈʋɛxevə(n)/
Separaciónweg·ge·ven

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(ik) geef weg(ik) gaf weg
(jij) geeft weg(jij) gaf weg
(hij) geeft weg(hij) gaf weg
(wij) geven weg(wij) gaven weg
(jullie) geven weg(jullie) gaven weg
(gij) geeft weg(gij) gaaft weg
(zij) geven weg(zij) gaven weg
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat ik) weggeve(dat ik) weggave
(dat jij) weggeve(dat jij) weggave
(dat hij) weggeve(dat hij) weggave
(dat wij) weggeven(dat wij) weggaven
(dat jullie) weggeven(dat jullie) weggaven
(dat gij) weggevet(dat gij) weggavet
(dat zij) weggeven(dat zij) weggaven
Modo imperativo
Singular/PluralPlural
geef weeggeeft weeg
Participios
Participio presenteParticipio pasado
weggevend, weggevende(hebben) weggegeven

Muestras de uso

„Meneer,” kon hij er ten slotte uitbrengen, „bent u zo rijk dat u zo maar zulke bedragen kunt weggeven?

Traducciones

alemánweggeben; fortgeben; hingeben; preisgeben; ergeben
esperantofordoni
francéslivrer
inglésgive away
portuguésabandonar; doar; fazer doação