Información sobre la palabra vergeven (neerlandés → Esperanto: fordoni)

Sinónimos: weggeven, wegschenken

Categoría gramaticalverbo
Pronunciación/vərˈɣevə(n)/
Separaciónver·ge·ven

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(ik) vergeef(ik) vergaf
(jij) vergeeft(jij) vergaf
(hij) vergeeft(hij) vergaf
(wij) vergeven(wij) vergaven
(jullie) vergeven(jullie) vergaven
(gij) vergeeft(gij) vergaaft
(zij) vergeven(zij) vergaven
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat ik) vergeve(dat ik) vergave
(dat jij) vergeve(dat jij) vergave
(dat hij) vergeve(dat hij) vergave
(dat wij) vergeven(dat wij) vergaven
(dat jullie) vergeven(dat jullie) vergaven
(dat gij) vergevet(dat gij) vergavet
(dat zij) vergeven(dat zij) vergaven
Modo imperativo
Singular/PluralPlural
vergeefvergeeft
Participios
Participio presenteParticipio pasado
vergevend, vergevende(hebben) vergeven

Traducciones

alemánweggeben; fortgeben; hingeben; preisgeben; ergeben
esperantofordoni
francéslivrer
inglésgive away
portuguésabandonar; doar; fazer doação