Información sobre la palabra aaneenschrijven (neerlandés → Esperanto: kunskribi)

Categoría gramaticalverbo
Pronunciación/aˈnensxrɛɪ̯və(n)/
Separaciónaan·een·schrij·ven

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(ik) schrijf aaneen(ik) schreef aaneen
(jij) schrijft aaneen(jij) schreef aaneen
(hij) schrijft aaneen(hij) schreef aaneen
(wij) schrijven aaneen(wij) schreven aaneen
(jullie) schrijven aaneen(jullie) schreven aaneen
(gij) schrijft aaneen(gij) schreeft aaneen
(zij) schrijven aaneen(zij) schreven aaneen
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat ik) aaneenschrijve(dat ik) aaneenschreve
(dat jij) aaneenschrijve(dat jij) aaneenschreve
(dat hij) aaneenschrijve(dat hij) aaneenschreve
(dat wij) aaneenschrijven(dat wij) aaneenschreven
(dat jullie) aaneenschrijven(dat jullie) aaneenschreven
(dat gij) aaneenschrijvet(dat gij) aaneenschrevet
(dat zij) aaneenschrijven(dat zij) aaneenschreven
Modo imperativo
Singular/PluralPlural
schrijf aaneenschrijft aaneen
Participios
Participio presenteParticipio pasado
aaneenschrijvend, aaneenschrijvende(hebben) aaneengeschreven

Traducciones

alemánzusammenschreiben
esperantokunskribi
ingléswrite in one; write as one word