Información sobre la palabra opkomen (neerlandés → Esperanto: ekĝermi)

Categoría gramaticalverbo
Pronunciación/ˈɔpkomə(n)/
Separaciónop·ko·men

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(hij) komt op(hij) kwam op
(zij) komen op(zij) kwamen op
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat hij) opkome(dat hij) opkwame
(dat zij) opkomen(dat zij) opkwamen
Participios
Participio presenteParticipio pasado
opkomend, opkomende(zijn) opgekomen

Muestras de uso

’s Avonds, toen Janet, Spike en ik na de maaltijd in de eetkamer zaten, kwam er een idee bij mij op.
Terwijl die gedachte bij hem opkwam, voelde zijn hand een serie lichte schokken in de stam.

Traducciones

alemánaufkeimen
esperantoekĝermi
inglésoccur