Información sobre la palabra tijd (neerlandés → Esperanto: tempo)

Categoría gramaticalsustantivo
Pronunciación/tɛɪ̯t/
Separacióntijd
Géneromasculino
Pluraltijden

Muestras de uso

Zedenmeesters zijn van alle tijden.
Hoe is het mogelijk dat zoiets in deze tijden nog kan gebeuren!?
Hij zei bovendien dat de tijd dat Groenland de VS kan vertrouwen, voorbij is.
Je leest geen kranten en kent de eisen des tijds niet.
Het was warm voor de tijd van het jaar.
Het was een teken des tijds dat Arflane een soort held in de stad was geworden.

Traducciones

afrikáanstyd
alemánZeit
bajo sajóntyd
catalántemps
criolla jamaiquinataim
españoltiempo
esperantotempo
frisón de SaterlandTied
frisón occidentaltiid
galésamser
ingléstime
noruegotid
yidisצײַט