Información sobre la palabra verordenen (neerlandés → Esperanto: dekreti)

Sinónimos: decreteren, voorschrijven

Categoría gramaticalverbo

Conjugación

Modo indicativo
PresentePasado
(ik) verorden(ik) verordende
(jij) verordent(jij) verordende
(hij) verordent(hij) verordende
(wij) verordenen(wij) verordenden
(jullie) verordenen(jullie) verordenden
(gij) verordent(gij) verordendet
(zij) verordenen(zij) verordenden
Modo subjuntivo
PresentePasado
(dat ik) verordene(dat ik) verordende
(dat jij) verordene(dat jij) verordende
(dat hij) verordene(dat hij) verordende
(dat wij) verordenen(dat wij) verordenden
(dat jullie) verordenen(dat jullie) verordenden
(dat gij) verordenet(dat gij) verordendet
(dat zij) verordenen(dat zij) verordenden
Modo imperativo
Singular/PluralPlural
verordenverordent
Participios
Participio presenteParticipio pasado
verordenend, verordenende(hebben) verordend

Traducciones

alemándekretieren; verfügen; verordnen
esperantodekreti
frisón de Saterlanddekretierje; ferföigje
inglésdecree
portuguésdecretar