Informatie over het woord Noor (Nederlands → Esperanto: norvego)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/nor/
AfbrekingNoor
Geslachtmanlijk
MeervoudNoren

Voorbeelden van gebruik

De hedendaagse Noren zijn de nakomelingen van die veroveraars.
De ander was een vrij ernstig uitziende Noor of Deen.

Vertalingen

AfrikaansNoor; Noorweër
Albaneesnorvegjez
Catalaansnorueg
Deensnordmand
DuitsNorweger
EngelsNorwegian
Esperantonorvego
Finsnorjalainen
FransNorvégien
GrieksΝορβηγός
Hongaarsnorvég
IJslandsNorðmaður
Italiaansnorvegese
Noorsnordmann
Papiamentsnoruechi; norwedji
PoolsNorweg
Portugeesnorueguês
Russischнорвежец
SaterfriesNorweger
Spaansnoruego
TurksNorveçce; Norveçli
Westerlauwers FriesNoar
Zweedsnorrman