Informatie over het woord Nederlands (Nederlands → Esperanto: nederlanda)

Woordsoortbijvoeglijk naamwoord
Uitspraak/ˈnedərlɑnts/
AfbrekingNe·der·lands

Verbuiging

Predicatief
AttributiefOnbepaaldManlijk en vrouwelijk enkelvoudNederlandse
Onzijdig enkelvoudNederlands
MeervoudNederlandse
BepaaldNederlandse
PartitiefNederlands

Voorbeelden van gebruik

Over Nederlandse slachtoffers is niets bekend.
De Venezolaanse regering beweert dat een Nederlands toestel vorige week drie keer het luchtruim zou zijn binnengevlogen.
Het water in Nederlandse rivieren en meren staat nog steeds hoog.
Het is volgens hoogleraar internationaal publiekrecht Marcel Brus moeilijk te zeggen welke Nederlandse wapens worden gebruikt voor aanvallen op Russisch grondgebied.

Vertalingen

AfrikaansNederlands
Albaneesholandez
Deensnederlandsk
Duitsholländisch; niederländisch
EngelsDutch
Esperantonederlanda
Fransnéerlandais
Grieksολλανδικός
IJslandshollenskur
Luxemburgshollännesch
MaleisBelanda
Nederduitsnedderlandsk; neaderlandsk
Noorsnederlandsk
Papiamentshulandes; ulandes
Portugeesholandês
Saterfriesniederloundsk
Spaansholandés; neerlandés
Thaisฮอแลนด์; เนเธอร์แลนด์
Tsjechischholandsky
TurksHollandalı
Westerlauwers FriesNederlânsk
Zweedsnederländsk