Informatie over het woord muskiet (Nederlands → Esperanto: moskito)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/mɵˈskit/
Afbrekingmus·kiet
Geslachtmanlijk
Meervoudmuskieten

Voorbeelden van gebruik

Laten we naar beneden gaan en verder praten, uit de buurt van die vervloekte muskieten.
Wij moeten iets tegen deze muskieten doen, anders zullen wij er morgen slecht aan toe zijn.

Vertalingen

Catalaansmosquit
Chinook-jargonmalakwa
Deensmyg
DuitsMoskito; Stechmücke
Engelsmosquito
Esperantomoskito
Fransmoustique
Grieksκουνούπι
Hongaarsszúnyog
IJslands
Italiaanszanzara
Jamaicaans Creoolsmaskita
Maleisnyamuk
Noorsmygg
Papiamentssangura
Portugeesmosquito
SaterfriesMoskito; Stäkmäge; Mäge
Spaansmosquito
Swahilimbu
Tagaloglamók
Thaisยุง
Turkssivrisinek
Westerlauwers Friesmuskyt