Synoniemen: grandioos, overweldigend, verheven, schitterend
| Woordsoort | bijvoeglijk naamwoord |
|---|
| Uitspraak | /ɣrots/ |
|---|
| Afbreking | groots |
|---|
Trappen van vergelijking
| Stellende trap | groots |
|---|
| Vergrotende trap | grootser |
|---|
| Overtreffende trap | meest groots |
|---|
Verbuiging
| | Stellende trap | Vergrotende trap | Overtreffende trap |
|---|
| Predicatief | groots | grootser | (het) meest groots, (het) meest grootse |
|---|
| Attributief | Onbepaald | Manlijk en vrouwelijk enkelvoud | grootse | grootsere | meest grootse |
|---|
| Onzijdig enkelvoud | groots | grootser | meest groots |
|---|
| Meervoud | grootse | grootsere | meest grootse |
|---|
| Bepaald | grootse | grootsere | meest grootse |
|---|
| Partitief | groots | grootsers | |
|---|
Ik heb het genoegen u voor te stellen aan de heilige Menkara, een priester van Set, die ik heb overgehaald om mee te doen aan onze grootse onderneming, en die nu met veel ijver werkt aan het welslagen ervan.
Het schouwspel was toen, zo mogelijk, nog grootser.
Ondanks zijn grootse beweringen lijkt hij nog geen werkelijke oplossing te hebben voor de oorlog die hij samen met Israël begon.