Informatie over het woord hooi (Nederlands → Esperanto: fojno)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ɦoːɪ̯/
Afbrekinghooi
Geslachtonzijdig

Voorbeelden van gebruik

Op dat moment werd de plek gepasseerd door een vrachtauto met balen hooi.
Hij zag dat de ruimte voor het grootste gedeelte gevuld was met hooi.

Vertalingen

Afrikaanshooi
Catalaansfenc
Deens
DuitsHeu
Engelshay
Engels (Oudengels)hig
Esperantofojno
Faeröershoyggj
Finsheinät; heinä
Fransfoin
IJslandshey
Italiaansfieno
Latijnfenum
Nederduitshöy
Portugeesfeno
SaterfriesHoo
Spaansheno
Thaisฟาง
Tsjechischseno
Turkssaman
Westerlauwers Frieshea
Zweeds