Informatie over het woord uitgeput (Nederlands → Esperanto: elĉerpita)

Woordsoortbijvoeglijk naamwoord
Uitspraak/ˈœʏ̯txəpɵt/
Afbrekinguit·ge·put

Verbuiging

Predicatief
AttributiefOnbepaaldManlijk en vrouwelijk enkelvouduitgeputte
Onzijdig enkelvouduitgeput
Meervouduitgeputte
Bepaalduitgeputte
Partitiefuitgeputs

Voorbeelden van gebruik

Mijn geduld is uitgeput.

Vertalingen

Duitsausgeschöpft; leergeschöpft; erschöpft
Engelsexhausted
Esperantoelĉerpita
Portugeesesgotado