Informatie over het woord tweetalig (Nederlands → Esperanto: dulingva)

Synoniem: bilinguaal

Woordsoortbijvoeglijk naamwoord
Uitspraak/tʋeˈtaləx/
Afbrekingtwee·ta·lig

Verbuiging

Predicatief
AttributiefOnbepaaldManlijk en vrouwelijk enkelvoudtweetalige
Onzijdig enkelvoudtweetalig
Meervoudtweetalige
Bepaaldtweetalige
Partitieftweetaligs

Voorbeelden van gebruik

Verkeersborden langs de provinciale wegen in Friesland worden volgend jaar tweetalig.

Vertalingen

Afrikaanstweetalig
Duitszweisprachig
Engelsbilingual
Esperantodulingva
Grieksδίγλωσσος
Nederduitstweytalig
Portugeesbilíngue
Spaansbilingüe