Informatie over het woord toeren (Nederlands → Esperanto: plezurveturi)

Synoniem: rondtoeren

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈtuːrə(n)/
Afbrekingtoe·ren

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) toer(ik) toerde
(jij) toert(jij) toerde
(hij) toert(hij) toerde
(wij) toeren(wij) toerden
(jullie) toeren(jullie) toerden
(gij) toert(gij) toerdet
(zij) toeren(zij) toerden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) toere(dat ik) toerde
(dat jij) toere(dat jij) toerde
(dat hij) toere(dat hij) toerde
(dat wij) toeren(dat wij) toerden
(dat jullie) toeren(dat jullie) toerden
(dat gij) toeret(dat gij) toerdet
(dat zij) toeren(dat zij) toerden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
toertoert
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
toerend, toerende(hebben) getoerd

Voorbeelden van gebruik

Ik ga weer toeren door Ligurië.

Vertalingen

Engelstake a drive
Esperantoplezurveturi
Nederduitsturen