Informatie over het woord huisvesten (Nederlands → Esperanto: loĝigi)

Synoniemen: inkwartieren, onderbrengen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈɦœʏ̯sfɛstə(n)/
Afbrekinghuis·ves·ten

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) huisvest(ik) huisvestte
(jij) huisvest(jij) huisvestte
(hij) huisvest(hij) huisvestte
(wij) huisvesten(wij) huisvestten
(jullie) huisvesten(jullie) huisvestten
(gij) huisvest(gij) huisvesttet
(zij) huisvesten(zij) huisvestten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) huisveste(dat ik) huisvestte
(dat jij) huisveste(dat jij) huisvestte
(dat hij) huisveste(dat hij) huisvestte
(dat wij) huisvesten(dat wij) huisvestten
(dat jullie) huisvesten(dat jullie) huisvestten
(dat gij) huisvestet(dat gij) huisvesttet
(dat zij) huisvesten(dat zij) huisvestten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
huisvesthuisvest
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
huisvestend, huisvestende(hebben) gehuisvest

Voorbeelden van gebruik

Al die arbeiders moesten immers worden gehuisvest.
Hoewel hij werk gevonden had, goed gevoed en gehuisvest was, was hij niet dichter bij de oplossing van zijn probleem en de uitvoering van zijn opdracht gekomen dan een week geleden.

Vertalingen

Afrikaanshuisves
Engelstake in
Esperantoloĝigi