Informatie over het woord huid (Nederlands → Esperanto: haŭto)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ɦœʏ̯t/
Afbrekinghuid
Geslachtvrouwelijk
Meervoudhuide

Voorbeelden van gebruik

Hun kledij was gemaakt van de huiden van vogels en het dorp scheen maar weinig beschaafde gemakken te bieden te hebben.

Vertalingen

Afrikaansvel
Engelsskin
Esperantohaŭto