Informatie over het woord wekken (Nederlands → Esperanto: elvoki)

Synoniemen: veroorzaken, opwekken, oproepen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈʋɛkə(n)/
Afbrekingwek·ken

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) wek(ik) wekte
(jij) wekt(jij) wekte
(hij) wekt(hij) wekte
(wij) wekken(wij) wekten
(jullie) wekken(jullie) wekten
(gij) wekt(gij) wektet
(zij) wekken(zij) wekten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) wekke(dat ik) wekte
(dat jij) wekke(dat jij) wekte
(dat hij) wekke(dat hij) wekte
(dat wij) wekken(dat wij) wekten
(dat jullie) wekken(dat jullie) wekten
(dat gij) wekket(dat gij) wektet
(dat zij) wekken(dat zij) wekten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
wekwekt
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
wekkend, wekkende(hebben) gewekt

Vertalingen

Engelscause; evoke
Esperantoelvoki