Informatie over het woord bereiken (Nederlands → Esperanto: atingi)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/bəˈrɛɪ̯kə(n)/
Afbrekingbe·rei·ken

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) bereik(ik) bereikt
(jij) bereikt(jij) bereikt
(hij) bereikt(hij) bereikt
(wij) bereiken(wij) bereikten
(jullie) bereiken(jullie) bereikten
(gij) bereikt(gij) bereikt
(zij) bereiken(zij) bereikten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) bereike(dat ik) bereikte
(dat jij) bereike(dat jij) bereikte
(dat hij) bereike(dat hij) bereikte
(dat wij) bereiken(dat wij) bereikten
(dat jullie) bereiken(dat jullie) bereikten
(dat gij) bereiket(dat gij) bereiktet
(dat zij) bereiken(dat zij) bereikten
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
bereikend, bereikende(hebben) bereikt

Voorbeelden van gebruik

Het Witte Huis zet het leger steeds vaker en zichtbaarder in om politieke doelen te bereiken.
Zo bereiken we niets.
De EU‐landen hebben dinsdag overeenstemming bereikt over een pakket sancties tegen Rusland.
En de storm had zijn hoogtepunt bereikt.

Vertalingen

Duitserreichen
Engelsachieve; accomplish
Esperantoatingi
Nederduitsberekken