Informatie over het woord voorvoelen (Nederlands → Esperanto: antaŭsenti)

Synoniem: een voorgevoel hebben van

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/vorˈvulə(n)/
Afbrekingvoor·voe·len

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) voorvoel(ik) voorvoelde
(jij) voorvoelt(jij) voorvoelde
(hij) voorvoelt(hij) voorvoelde
(wij) voorvoelen(wij) voorvoelden
(jullie) voorvoelen(jullie) voorvoelden
(gij) voorvoelt(gij) voorvoeldet
(zij) voorvoelen(zij) voorvoelden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) voorvoele(dat ik) voorvoelde
(dat jij) voorvoele(dat jij) voorvoelde
(dat hij) voorvoele(dat hij) voorvoelde
(dat wij) voorvoelen(dat wij) voorvoelden
(dat jullie) voorvoelen(dat jullie) voorvoelden
(dat gij) voorvoelet(dat gij) voorvoeldet
(dat zij) voorvoelen(dat zij) voorvoelden
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
voorvoelend, voorvoelende(hebben) voorvoeld

Voorbeelden van gebruik

En dan gebeurde wat hij reeds lang voorvoeld had.

Vertalingen

Esperantoantaŭsenti
Franspressentir