Informatie over het woord besodemieteren (Nederlands → Esperanto: trompi)

Synoniemen: bedriegen, misleiden, belazeren, naaien

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/bəsodəˈmitərə(n)/
Afbrekingbe·so·de·mie·te·ren

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) besodemieter(ik) besodemieterde
(jij) besodemietert(jij) besodemieterde
(hij) besodemietert(hij) besodemieterde
(wij) besodemieteren(wij) besodemieterden
(jullie) besodemieteren(jullie) besodemieterden
(gij) besodemietert(gij) besodemieterdet
(zij) besodemieteren(zij) besodemieterden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) besodemietere(dat ik) besodemieterde
(dat jij) besodemietere(dat jij) besodemieterde
(dat hij) besodemietere(dat hij) besodemieterde
(dat wij) besodemieteren(dat wij) besodemieterden
(dat jullie) besodemieteren(dat jullie) besodemieterden
(dat gij) besodemieteret(dat gij) besodemieterdet
(dat zij) besodemieteren(dat zij) besodemieterden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
besodemieterbesodemietert
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
besodemieterend, besodemieterende(hebben) besodemieterd

Voorbeelden van gebruik

Jij durft wel de veeverzekering op te lichten en je veearts te besodemieteren, maar je durft niet vijftien jaar in de bak te zitten.

Vertalingen

Catalaansdecebre; enganyar
Deensbedrage
Duitsäffen; betrügen; hintergehen; täuschen
Engelscheat; deceive; con; delude; fool; mislead; trick; beguile; dupe
Esperantotrompi
Faeröerssnýta; svíkja; lumpa
Finspettää
Franstricher; tromper
IJslandssvíkja
Italiaansingannare; truffare; beffare; imbrogliare
Luxemburgsbedréien
Noorsbedra; snyte
Portugeesburlar; embair; enganar; fraudar; iludir; lograr; ludibriar
Saterfriesbedrjooge; oapje
Spaansengañar
Sranankasyo; kori; ley
Turksaldatmak
Westerlauwers Friesbedraaie; bemiterje; ferrifelje
Zweedsbedra; bedraga; lura; narra