Informatie over het woord verdubbelen (Nederlands → Esperanto: duobliĝi)

Synoniem: zich verdubbelen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/vərˈdɵbələ(n)/
Afbrekingver·dub·be·len

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(hij) verdubbelt(hij) verdubbelde
(zij) verdubbelen(zij) verdubbelden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat hij) verdubbele(dat hij) verdubbelde
(dat zij) verdubbelen(dat zij) verdubbelden
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
verdubbelend, verdubbelende(zijn) verdubbeld

Voorbeelden van gebruik

Zijn energie was verdubbeld.
De Oekraïense president Volodymyr Zelensʹkyj ziet het aantal gedode Russische militairen per maand nog wel verdubbelen.
Tegen de zomer waren de geschatte kosten verdubbeld en in oktober meldde Trump dat het 300 miljoen dollar zou gaan kosten.
Sinds het begin van de oorlog in Iran zijn de prijzen van diesel in de VS verdubbeld, tot onvrede van veel Amerikanen.
Het aantal moorden in de toeristenstad Salvador verdubbelde vergeleken met vorig jaar.

Vertalingen

Afrikaansverdubbel
Duitssich verdoppeln
Engelsduplicate; double
Esperantoduobliĝi