Informatie over het woord middaguur (Nederlands → Esperanto: tagmezo)

Synoniemen: middag, noen, noenuur, midderdag

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ˈmɪdɑxyːr/
Afbrekingmid·dag·uur
Geslachtonzijdig

Voorbeelden van gebruik

Pas tegen het middaguur slaagden Clintons mannen er de volgende dag in om zich uit de moerassen te werken.
In Trasquera, een skigebied aan de grens met Zwitserland, ontstond rond het middaguur een lawine op een berg van 2.850 meter hoogte.
Betogers willen vanaf het middaguur de straten opgaan om te protesteren tegen de staatsgreep van 22 mei.
Ze was de volgende dag voor het middaguur weer terug met de cheque.

Vertalingen

Afrikaansmiddag
Albaneesmesditë
Deensmiddag
DuitsMittag
Engelsmidday; noon; noontime
Esperantotagmezo
Faeröersmiddagur
Fransmidi
Hawaiaansawakea
ItaliaansmezzodÌ
Noorsmiddag
Papiamentsmerdia
Poolspołudnie
Portugeesmeio‐dia
SaterfriesMiddai
Schotstwal‐oors
Spaansmediodía
Swahiliadhuhuri
Thaisเที่ยงวัน; เที่ยง; ตอนเที่ยง
Turksöğle vakti