Informatie over het woord verklaren (Nederlands → Esperanto: deklari)

Synoniemen: aangeven, noemen, afkondigen, verklaren tot, uitspreken

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/vərˈklaːrə(n)/
Afbrekingver·kla·ren

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) verklaar(ik) verklaarde
(jij) verklaart(jij) verklaarde
(hij) verklaart(hij) verklaarde
(wij) verklaren(wij) verklaarden
(jullie) verklaren(jullie) verklaarden
(gij) verklaart(gij) verklaardet
(zij) verklaren(zij) verklaarden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) verklare(dat ik) verklaarde
(dat jij) verklare(dat jij) verklaarde
(dat hij) verklare(dat hij) verklaarde
(dat wij) verklaren(dat wij) verklaarden
(dat jullie) verklaren(dat jullie) verklaarden
(dat gij) verklaret(dat gij) verklaardet
(dat zij) verklaren(dat zij) verklaarden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
verklaarverklaart
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
verklarend, verklarende(hebben) verklaard

Voorbeelden van gebruik

Wat hij terugkreeg was een brief om te ondertekenen waarin hij verklaarde af te zien van schadeclaims.
Italië verklaarde de oorlog aan Frankrijk op 10 juni.
DeJesus heeft verklaard door Castro te zijn verkracht, maar denkt niet dat zij ooit zwanger is geweest.

Vertalingen

Afrikaansverklaar; aangee
Catalaansdeclarar
Deenserklære
Duitsdeklarieren; erklären; melden; anzeigen; verkünden; ansagen
Engelsdeclare; state; profess; pronounce
Esperantodeklari
Fransdéclarer
Grieksαγγέλω
Hongaarsdeklarál; nyilvánít
Nederduitsverklåren
Papiamentsdeklará
Portugeesdeclarar; declinar; depor
Saterfriesdeklarierje; fääststaale; konstatierje
Spaansdeclarar
Zweedsbetyga; förklara