Informatie over het woord zomers (Nederlands → Esperanto: somera)

Synoniem: zomer‐

Woordsoortbijvoeglijk naamwoord
Uitspraak/ˈzomərs/
Afbrekingzo·mers

Verbuiging

Predicatief
AttributiefOnbepaaldManlijk en vrouwelijk enkelvoudzomerse
Onzijdig enkelvoudzomers
Meervoudzomerse
Bepaaldzomerse
Partitiefzomers

Voorbeelden van gebruik

Op een morgen wandelden heer Bommel en Tom Poes door het zomerse landschap.
Na regen komt dan eindelijk zonneschijn, want het weer is de komende dagen met oplopende temperaturen zomers te noemen.

Vertalingen

DuitsSommer‐; sommerlich
Engelsaestival
Esperantosomera
Italiaansestivo
Oekraïensлітній