Synoniemen: helder, louter, proper, puur, rein, zindelijk, bloot
| Woordsoort | bijvoeglijk naamwoord |
|---|
| Uitspraak | /ˈzœʏ̯vər/ |
|---|
| Afbreking | zui·ver |
|---|
De staaf was van zuiver goud.
Zoals op bladzijde 50 reeds uiteengezet is, moet men de te onderzoeken stof in een zuivere toestand zien te verkrijgen.
De gecombineerde vloot zette zijn studies van de operaties naar het westen als een zuiver Japans project voort.