Informatie over het woord nakomen (Nederlands → Esperanto: plenumi)

Synoniemen: inlossen, naleven, vervullen, zich houden aan, ten uitvoer brengen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈnakomə(n)/
Afbrekingna·ko·men

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) kom na(ik) kwam na
(jij) komt na(jij) kwam na
(hij) komt na(hij) kwam na
(wij) komen na(wij) kwamen na
(jullie) komen na(jullie) kwamen na
(gij) komt na(gij) kwaamt na
(zij) komen na(zij) kwamen na
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) nakome(dat ik) nakwame
(dat jij) nakome(dat jij) nakwame
(dat hij) nakome(dat hij) nakwame
(dat wij) nakomen(dat wij) nakwamen
(dat jullie) nakomen(dat jullie) nakwamen
(dat gij) nakomet(dat gij) nakwamet
(dat zij) nakomen(dat zij) nakwamen
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
kom nakomt na
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
nakomend, nakomende(zijn) nagekomen

Voorbeelden van gebruik

Waar hij de ruim 1000 miljard dollar vandaan haalt om zijn belofte na te komen, zei hij niet.
Je weet ook dat hij geen enkele belofte nakomt, zelfs al gaf hij die zwart op wit.
Jij komt je beloften nooit na.
Hij is het contract nagekomen.

Vertalingen

Afrikaansnakom
Duitserfüllen
Engelsfulfil; meet; honour
Esperantoplenumi