Informatie over het woord papegaai (Nederlands → Esperanto: papago)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/papəˈɣaːɪ̯/
Afbrekingpa·pe·gaai
Geslachtmanlijk
Meervoudpapegaaien

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
papegaaitjepapegaaitjes

Voorbeelden van gebruik

Philo de papegaai voegde zijn gekrijs bij de verwensingen die de bemanningen van beide schepen elkaar toevoegden.

Vertalingen

Albaneespapagall
Catalaanspapagai; lloro
Deenspapegøje
DuitsPapagei
Engelsparrot
Esperantopapago
Faeröerspappageykur
Finspapukaija
Hongaarspapagáj
IJslandspáfagaukur
Italiaanspappagallo
Latijnpsittaca
Noorspapagøje
Papiamentspapagai
Portugeespapagaio
Russischпопугай
SaterfriesPapagei
Spaanspapagayo
Srananpopokay
Tagalogpapagayo; loro
Thaisนกแก้ว
Tsjechischpapoušek
Turkspapağan
Welsparot; perot
Westerlauwers Friespappegaai
Zweedspapegoja