Synonimen: spreken over, spreken van, zich uitlaten over, praten over, reppen van, reppen over
| Wurdsoarte | tiidwurd |
|---|
| Ofbreking | het heb·ben over |
|---|
Iedereen heeft het over jou.
Laten we het over iets anders hebben.
Het was eerst allemaal erg vredig geweest, maar toen begon Van Dijk het over jagen te hebben.
We hadden het zojuist over Paul.
Je had het over het lijk.
Trump heeft het over „oorlogsgebieden” waar gevochten moet worden tegen criminele bendes en hard moet worden opgetreden bij protesten tegen zijn anti‐immigratiebeleid.