Ynformaasje oer it wurd wegcijferen (Nederlânsk → Esperanto: ignori)

Synonimen: negéren, onder tafel schuiven, passeren, zich niets aantrekken van, ignoreren, geen notitie nemen van, een oogje dichtknijpen, naast zich neerleggen, een oogje dichtknijpen voor

Wurdsoartetiidwurd

Ferfoarming

Oantoanende foarm
NotiidDoetiid
(ik) cijfer weg(ik) cijferde weg
(jij) cijfert weg(jij) cijferde weg
(hij) cijfert weg(hij) cijferde weg
(wij) cijferen weg(wij) cijferden weg
(jullie) cijferen weg(jullie) cijferden weg
(gij) cijfert weg(gij) cijferdet weg
(zij) cijferen weg(zij) cijferden weg
Oanfoegjende foarm
NotiidDoetiid
(dat ik) wegcijfere(dat ik) wegcijferde
(dat jij) wegcijfere(dat jij) wegcijferde
(dat hij) wegcijfere(dat hij) wegcijferde
(dat wij) wegcijferen(dat wij) wegcijferden
(dat jullie) wegcijferen(dat jullie) wegcijferden
(dat gij) wegcijferet(dat gij) wegcijferdet
(dat zij) wegcijferen(dat zij) wegcijferden
hjittende foarm
Iental/MeartalMeartal
cijfer wegcijfert weg
Mulwurden
NomulwurdDoemulwurd
wegcijferend, wegcijferende(hebben) weggecijferd

Oarsettingen

Afrikaanskignoreer
Dútskignorieren; nicht berücksichtigen; unbeachtet lassen; nicht beachten; keine Notiz nehmen von; nicht wissen wollen; nicht sehen wollen
Esperantoignori
Finskolla välittämättä
Frânskbouder; ignorer; méconnaître
Frysknegearje
Grykskαγνοώ
Ingelskignore; leave out of account; disregard; turn a blind eye
Katalaanskignorar
Maleiskabai … mengabaikan
Portegeeskfingir ignorar; não tomar conhecimento
Roemeenskignora
Sealterfryskignorierje; uurkiekje; uursjo
Spaanskno hacer caso; pasar por alto