Ynformaasje oer it wurd spelen (Nederlânsk → Esperanto: ludi la rolon de)

Synonym: optreden als

Wurdsoartetiidwurd
Utspraak/spelə(n)/
Ofbrekingspe·len

Ferfoarming

Oantoanende foarm
NotiidDoetiid
(ik) speel(ik) speelde
(jij) speelt(jij) speelde
(hij) speelt(hij) speelde
(wij) spelen(wij) speelden
(jullie) spelen(jullie) speelden
(gij) speelt(gij) speeldet
(zij) spelen(zij) speelden
Oanfoegjende foarm
NotiidDoetiid
(dat ik) spele(dat ik) speelde
(dat jij) spele(dat jij) speelde
(dat hij) spele(dat hij) speelde
(dat wij) spelen(dat wij) speelden
(dat jullie) spelen(dat jullie) speelden
(dat gij) spelet(dat gij) speeldet
(dat zij) spelen(dat zij) speelden
hjittende foarm
Iental/MeartalMeartal
speelspeelt
Mulwurden
NomulwurdDoemulwurd
spelend, spelende(hebben) gespeeld

Oarsettingen

Esperantoludi la rolon de
Ingelskplay