Ynformaasje oer it wurd excommuniceren (Nederlânsk → Esperanto: ekskomuniki)

Synonym: in de ban doen

Wurdsoartetiidwurd
Utspraak/ɛkskomyniˈseːrə(n)/
Ofbrekingex·com·mu·ni·ce·ren

Ferfoarming

Oantoanende foarm
NotiidDoetiid
(ik) excommuniceer(ik) excommuniceerde
(jij) excommuniceert(jij) excommuniceerde
(hij) excommuniceert(hij) excommuniceerde
(wij) excommuniceren(wij) excommuniceerden
(jullie) excommuniceren(jullie) excommuniceerden
(gij) excommuniceert(gij) excommuniceerdet
(zij) excommuniceren(zij) excommuniceerden
Oanfoegjende foarm
NotiidDoetiid
(dat ik) excommunicere(dat ik) excommuniceerde
(dat jij) excommunicere(dat jij) excommuniceerde
(dat hij) excommunicere(dat hij) excommuniceerde
(dat wij) excommuniceren(dat wij) excommuniceerden
(dat jullie) excommuniceren(dat jullie) excommuniceerden
(dat gij) excommuniceret(dat gij) excommuniceerdet
(dat zij) excommuniceren(dat zij) excommuniceerden
hjittende foarm
Iental/MeartalMeartal
excommuniceerexcommuniceert
Mulwurden
NomulwurdDoemulwurd
excommunicerend, excommunicerende(hebben) geëxcommuniceerd

Foarbylden fan gebrûk

Het was de verwachting dat de betrokken bisschoppen geëxcommuniceerd zouden worden.

Oarsettingen

Dútskausschließen; exkommunizieren; mit dem Bann belegen; ausstoßen
Esperantoekskomuniki; forkomuniigi
Ingelskexcommunicate
Portegeeskexcomungar
Spaanskexcomulgar