Ynformaasje oer it wurd verhinderen (Nederlânsk → Esperanto: neebligi)

Synonym: beletten

Wurdsoartetiidwurd
Utspraak/vərˈɦɪndərə(n)/
Ofbrekingver·hin·de·ren

Ferfoarming

Oantoanende foarm
NotiidDoetiid
(ik) verhinder(ik) verhinderde
(jij) verhindert(jij) verhinderde
(hij) verhindert(hij) verhinderde
(wij) verhinderen(wij) verhinderden
(jullie) verhinderen(jullie) verhinderden
(gij) verhindert(gij) verhinderdet
(zij) verhinderen(zij) verhinderden
Oanfoegjende foarm
NotiidDoetiid
(dat ik) verhindere(dat ik) verhinderde
(dat jij) verhindere(dat jij) verhinderde
(dat hij) verhindere(dat hij) verhinderde
(dat wij) verhinderen(dat wij) verhinderden
(dat jullie) verhinderen(dat jullie) verhinderden
(dat gij) verhinderet(dat gij) verhinderdet
(dat zij) verhinderen(dat zij) verhinderden
hjittende foarm
Iental/MeartalMeartal
verhinderverhindert
Mulwurden
NomulwurdDoemulwurd
verhinderend, verhinderende(hebben) verhinderd

Foarbylden fan gebrûk

De hemel was bewolkt, en het weer was niet goed, hoewel niet slecht genoeg om vliegen te verhinderen.

Oarsettingen

Dútskunmöglich machen; unterbinden; ausschließen; hindern
Esperantoneebligi; malebligi
Grykskαδυνατώ
Ingelskprevent; block
Portegeeskimpossibilitar