Ynformaasje oer it wurd ontplooien (Nederlânsk → Esperanto: disvolvi)

Synonimen: ontwarren, ontwikkelen

Wurdsoartetiidwurd
Utspraak/ɔntˈploːɪ̯ə(n)/
Ofbrekingont·plooi·en

Ferfoarming

Oantoanende foarm
NotiidDoetiid
(ik) ontplooi(ik) ontplooide
(jij) ontplooit(jij) ontplooide
(hij) ontplooit(hij) ontplooide
(wij) ontplooien(wij) ontplooiden
(jullie) ontplooien(jullie) ontplooiden
(gij) ontplooit(gij) ontplooidet
(zij) ontplooien(zij) ontplooiden
Oanfoegjende foarm
NotiidDoetiid
(dat ik) ontplooie(dat ik) ontplooide
(dat jij) ontplooie(dat jij) ontplooide
(dat hij) ontplooie(dat hij) ontplooide
(dat wij) ontplooien(dat wij) ontplooiden
(dat jullie) ontplooien(dat jullie) ontplooiden
(dat gij) ontplooiet(dat gij) ontplooidet
(dat zij) ontplooien(dat zij) ontplooiden
hjittende foarm
Iental/MeartalMeartal
ontplooiontplooit
Mulwurden
NomulwurdDoemulwurd
ontplooiend, ontplooiende(hebben) ontplooid

Foarbylden fan gebrûk

Te midden der beschaving kan een mens niet al zijn capaciteiten ontplooien.

Oarsettingen

Dútskentwickeln
Esperantodisvolvi
Fereuerskmenna
Frânskdérouler; développer; faire croître; promouvoir
Ingelskunfold
Katalaanskdesenvolupar
Portegeeskaumentar; desenvolver; fazer crescer
Spaanskdesenvolver; desplegar
Tsjechyskrozvinout; vyvinout