Information about the word wringen (Dutch → Esperanto: vringi)

Part of speechverb
Pronunciation/ˈvrɪŋə(n/
Hyphenationwrin·gen

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(ik) wring(ik) wrong
(jij) wringt(jij) wrong
(hij) wringt(hij) wrong
(wij) wringen(wij) wrongen
(jullie) wringen(jullie) wrongen
(gij) wringt(gij) wrongt
(zij) wringen(zij) wrongen
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat ik) wringe(dat ik) wronge
(dat jij) wringe(dat jij) wronge
(dat hij) wringe(dat hij) wronge
(dat wij) wringen(dat wij) wrongen
(dat jullie) wringen(dat jullie) wrongen
(dat gij) wringet(dat gij) wronget
(dat zij) wringen(dat zij) wrongen
Imperative mood
Singular/PluralPlural
wringwringt
Participles
Present participlePast participle
wringend, wringende(hebben) gewrongen

Translations

Esperantovringi
Faeroesevinda; snara; vríggja
Portuguesedestorcer