Information about the word optreden (Dutch → Esperanto: prezenti)

Synonym: opvoeren

Part of speechverb
Pronunciation/ˈɔptredə(n)/
Hyphenationop·tre·den

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(ik) treed op(ik) trad op
(jij) treedt op(jij) trad op
(hij) treedt op(hij) trad op
(wij) treden op(wij) traden op
(jullie) treden op(jullie) traden op
(gij) treedt op(gij) tradt op
(zij) treden op(zij) traden op
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat ik) optrede(dat ik) optrade
(dat jij) optrede(dat jij) optrade
(dat hij) optrede(dat hij) optrade
(dat wij) optreden(dat wij) optraden
(dat jullie) optreden(dat jullie) optraden
(dat gij) optredet(dat gij) optradet
(dat zij) optreden(dat zij) optraden
Imperative mood
Singular/PluralPlural
treed optreedt op
Participles
Present participlePast participle
optredend, optredende(hebben) opgetreden

Usage samples

Ik had graag een lijstje van u met daarop de namen van van de artiesten die op die bewuste avond in Groningen optraden.

Translations

Afrikaansopvoer
Esperantoprezenti