Information about the word benaderen (Dutch → Esperanto: ekkontakti)

Synonyms: contacteren, contact opnemen met, contact opnemen, contact maken met, contact maken

Part of speechverb
Pronunciation/bəˈnadərə(n)/
Hyphenationbe·na·de·ren

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(ik) benader(ik) benaderde
(jij) benadert(jij) benaderde
(hij) benadert(hij) benaderde
(wij) benaderen(wij) benaderden
(jullie) benaderen(jullie) benaderden
(gij) benadert(gij) benaderdet
(zij) benaderen(zij) benaderden
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat ik) benadere(dat ik) benaderde
(dat jij) benadere(dat jij) benaderde
(dat hij) benadere(dat hij) benaderde
(dat wij) benaderen(dat wij) benaderden
(dat jullie) benaderen(dat jullie) benaderden
(dat gij) benaderet(dat gij) benaderdet
(dat zij) benaderen(dat zij) benaderden
Imperative mood
Singular/PluralPlural
benaderbenadert
Participles
Present participlePast participle
benaderend, benaderende(hebben) benaderd

Usage samples

De Russische diplomaat werd door Witkoff geadviseerd hoe het Kremlin de Amerikaanse president het best kan benaderen.
Het is beter dat men haar in Rotterdam over die valse aangifte voorlopig niet benadert.

Translations

Afrikaanskontak vir; kontak
Englishcontact; get in touch with; get in touch; make contact; reach
Esperantoekkontakti
Papiamentotuma kontakto ku